Mercatorlaan 1200
3528 BL, Utrecht
RegelingenAllereerst: de regeling voor de puntentoekenning per 1 juni 2010 vindt u hier. De bij- en nascholing Heelkunde is door het Centraal College verplicht gesteld voor hen die in het register van de MSRC zijn ingeschreven voor het specialisme Heelkunde. Bij- en nascholing is voor hen verplicht, indien zij voor herregistratie in aanmerking willen komen. Het volgen van bij- en nascholing bestaat uit het deelnemen aan ten minste een vastgesteld minimumpakket aan formeel erkende bij- en nascholingsactiviteiten. Deze formeel erkende bij- en nascholingsactiviteiten vormen tezamen het zogeheten Programma van de bij- en nascholing Heelkunde. Dit programma is zodanig samengesteld dat elke chirurg die voor herregistratie in aanmerking wil komen daaruit bijtijds een keus kan maken en hij/zij zijn individuele pakket aan bij- en nascholingsactiviteiten kan samenstellen om aan de regelgeving te voldoen. Programma Het aantal uurpunten is even groot als het aantal effectief voor die activiteit geprogrammeerde uren (programma-uren), met de volgende randvoorwaarden:
Voor gecombineerde activiteiten die slechts ten dele van toepassing zijn voor de chirurg tellen de zinvolle programma-uren. De activiteiten zijn ingedeeld in categorieën. Bij deelneming aan een activiteit die deel uitmaakt van het formeel erkende programma wordt een aantal uurpunten verworven, afhankelijk van de categorie en van de duur van de betreffende activiteit. Er bestaan drie categorieën scholingsactiviteiten:
Onder deze categorie III vallen:
Het aantal uurpunten dat met de verschillende categorieën nascholing kan worden behaald is onbeperkt. Wel wordt bij de visitatie in het kader van de opleidings- of kwaliteitsvisitatie beoordeeld of er binnen het portfolio van de individuele chirurg een redelijke spreiding is over de verschillende categorieën gevolgde nascholing. Het programma komt tot stand doordat activiteiten ter accreditatie worden aangeboden aan de Commissie Bij- en Nascholing. De organisatoren van de betreffende activiteit maken daartoe gebruik van het GAIA systeem. Bij de beoordeling of de aangemelde nascholingsactiviteit geaccrediteerd kan worden wordt er in elk geval op gelet dat:
Bij een positieve beoordeling wordt door de Commissie Bij- en Nascholing vastgesteld:
Alle geaccrediteerde nascholing kunt u vinden in de congresagenda van GAIA. Voor de hierboven beschreven regeling geldt een aantal aanvullingen en uitzonderingen:
Activiteiten die voor accreditatie worden aangeboden op een tijdstip minder dan twee maanden voorafgaand aan de geplande datum kunnen door de Commissie Bij- en Nascholing niet worden beoordeeld. Tenzij men akkoord gaat met een verhoogd tarief zijnde € 150,00 extra zonder sponsoring en € 300,00 extra indien gesponsord, dan wordt de nascholing alsnog in behandeling genomen. De Commissie Bij- en Nascholing behoudt zich het recht voor, zonder nadere opgaaf van redenen bij gebleken wijzigingen in het programma, of bij gebleken onvoldoende kwaliteit van het programma, retrograad de accreditatie ongedaan te maken. De chirurg die voor herregistratie in aanmerking wil komen moet deelnemen aan ten minste een minimum aantal geaccrediteerde nascholingsactiviteiten. Kwantitatief wordt dit vertaald in het verwerven van een minimum aantal uurpunten in een bepaalde tijdsperiode. Het totaal aantal uurpunten dat moet worden behaald is gemiddeld over vijf jaar ten minste 40 per jaar. De Leden van de NVvH dienen zelf hun certificaten van deelname van geaccrediteerde scholingsactiviteiten te archiveren dan wel andere bewijzen van deelname aan geaccrediteerde scholingsactiviteiten, zorgvuldig te bewaren (dit kan ook elektronisch via het persoonlijk dossier in GAIA) en desgevraagd te overleggen aan de MSRC. Voor meer informatie, klik hier. Commissie van Beroep Er is een Commissie van Beroep voor de Bij- en Nascholing ingesteld. Aan deze Commissie kunnen geschillen worden voorgelegd op twee terreinen. Het ene betreft een verschil van mening over besluitvorming door de Commissie Bij- en Nascholing omtrent opneming van aangemelde activiteiten in het officiële programma, dus omtrent toekenning of afwijzing van een aanvraag tot accreditatie van een voorgestelde bij- en nascholingsactiviteit. Het tweede terrein betreft een verschil van mening over het aantal bij- en nascholingsuurpunten.
In geval van een vergissing van de accreditatiecommissie (bijvoorbeeld een vergissing in de berekening van het aantal toe te kennen accreditatie-uren) kan de accreditatiecommissie via de e-mail worden verzocht om herstel van de gemaakte ‘fout’. De accreditatiecommissie wordt geacht om in geval van een vergissing binnen 1 week uitsluitsel te geven. Veelal kan dit worden afgehandeld door het secretariaat van de accreditatiecommissie.
Het aanvechten van een besluit van de accreditatiecommissie om een (onderdeel) van een bijeenkomst niet te accrediteren, kan uitsluitend door het formeel indienen van een bezwaar bij de accreditatiecommissie. Een bezwaar wordt alleen in behandeling genomen als het per e-mail wordt ingediend bij het secretariaat van de betreffende accreditatiecommissie. Een bezwaar van een individuele arts (= deelnemer aan de betreffende bijeenkomst) wordt alleen in behandeling genomen als het vooraf (voor de betreffende bijeenkomst) wordt ingediend. Een bezwaar dient met argumenten te worden onderbouwd met verwijzing naar het beoordelingskader van het Accreditatie Overleg. De herbeoordeling door de accreditatiecommissie vindt plaats door een andere accrediteur dan de accrediteur die de eerste beoordeling heeft gedaan. De accreditatiecommissie wordt geacht om uiterlijk binnen 5 weken, en zoveel eerder als mogelijk, schriftelijk (per e-mail) uitsluitsel te geven. De accreditatiecommissie dient haar herbeoordeling inhoudelijk te motiveren met verwijzing naar het beoordelingskader van het Accreditatie Overleg.
Tegen een uitspraak van de accreditatiecommissie kan uitsluitend in beroep worden gegaan, nadat de accreditatiecommissie een ‘bezwaar’ heeft afgewezen. Een verzoek tot herziening van een afwijzing door de accreditatiecommissie van een ingediend bezwaar, dient bij het bestuur van de betreffende Wetenschappelijke Vereniging en/of beroepsvereniging te worden gedaan. Het bestuur is vrij om te besluiten de behandeling van het beroep te delegeren aan een andere betrouwbare, ter zake deskundige, en onafhankelijke commissie binnen of buiten de vereniging (niet zijnde de accreditatiecommissie). Een ‘beroep’ wordt alleen in behandeling genomen als het, samen met het afgewezen bezwaar van de accreditatiecommissie, per e-mail wordt ingediend bij het secretariaat van de betreffende ‘beroepscommissie’. Een ‘beroep’ dient met argumenten te worden onderbouwd met verwijzing naar het beoordelingskader van het Accreditatie Overleg. (Versie augustus 2006) Voor meer informatie verwijzen wij u naar de Algemene Voorwaarden van de KNMG.
Laatste nieuws
|